skip to Main Content

Het Oosterdelgebied is het laatste stukje onverkaveld gebied van het Geestmerambacht. Cultuurhistorisch is dit het meest oorspronkelijke gebied. De akkertjes zijn uniek en in deze vorm niet meer aanwezig in andere delen van Nederland.

De eerste vermelding van het gebied stamt uit 1603. De oudst bekende benaming van Broek op Langedijk is Franlorebroech wat Vronerbroek betekent. Achter de duinen van Schoorl en Bergen was een moerasgebied ontstaan. Vanuit Schoorl werd dit gebied ontgonnen.

Het huidige Oosterdelgebied bestond in die tijd uit veengronden. De klassieke manier om veengebieden te ontginnen is ontwateren door het graven van sloten die vervolgens het water afvoeren in een boezemafvoer, zoals een kanaal of een rivier. Zo is het huidige Oosterdelgebied vanuit Schoorl ontveent.

Door veepest en de toenemende vraag naar groenten zijn er in de loop van de tijd diverse veranderingen geweest. Baggeren of slikken was dé manier om land op te hogen en vruchtbaar te maken. Daarom werden lagergelegen groetgronden met sloten doorgraven om het land op te hogen. Deze gronden werden tot de beste tuinbouwgronden van Nederland gerekend.

Een andere zaak is het cultuurhistorische aspect. De teelt en ontwikkeling van de tuinbouw concentreerde zich vanaf de vroege Middeleeuwen altijd rondom grote steden en bij kloosters. Het is uitzonderlijk dat een streek zonder rechtstreekse binding met een stad of instelling zelfstandig tuinbouwproducten voor de vrije markt teelde. Markttechnisch had je een achterstand en bovendien waren de tuinders volkomen afhankelijk van derden voor het vervoer en verkoop van hun producten. Dit is ook de reden dat ervan oudsher in dit gebied vollegrondsproducten zoals kool, uien en aardappelen werden geteeld. Die zijn lang houdbaar en geschikt voor vervoer over grotere afstanden. Dat verklaart ook het ontstaan van het veilingwezen in dit gebied.

Back To Top